1
Wat is er nieuwe op de website
Gratis artikelen
Stel je vraag via e-mail
Gratis nieuwsbrief

Alles over Enveloppen

Veel schriftelijke informatie wordt verpakt en verzonden in enveloppen. Daarom is een envelop vaak het eerste contact van de ontvanger met de informatie die de envelop verbergt. Kennis van dit grafisch eindproduct mag in onze communicatie-industrie (in deze ‘eeuw van de informatica’) dus niet ontbreken. De envelop hoort thuis in de uitrusting van inkopers, postkamermanagers, drukkers, reclamebureaus en last but not least grafisch ontwerpers. Maar hoe maakt men enveloppen?

Het productieproces van een gemiddelde envelop kent twee verschillende vormen (hoofdstromen):

• fabricage vanaf vellen papier (bladproces);
• fabricage vanaf rollen papier (rollenproces).

Bladproces
Bij het bladproces snijdt men vellen papier met een snijmachine op maat. Vervolgens stanst men deze gesneden vellen. De enveloppenfabrikant bestelt het papier op maat als de oplagen groot zijn. Dit is namelijk goedkoper, omdat er minder afval ontstaat. Daartegenover staat de levertijd van het papier die in de planning voor de levering van de envelop moet passen. Het bedrukken van vellen (ook wel plano) papier gebeurt meestal in een of meerdere kleuren offset, bij de drukker of rechtstreeks in de enveloppenfabriek. Via het offsetprocédé kan een drukker enveloppen zowel vooraf als achteraf drukken. Op de enveloppenmachines zelf kan de fabrikant alleen in flexo drukken. Flexo is een speciale drukmethode die is afgestemd op de wat eenvoudiger bedrukkingen. Enveloppenproductiemachines kunnen deze druktechniek toepassen.

Het al of niet voorbedrukte papier is nu dus gesneden en gestanst. Dit papier heet ‘stanslingen’. Deze stanslingen laten de planovorm van de uiteindelijke envelop zien. De planovorm is de vorm van het papier voordat er een envelop van is gevouwen. U kunt er met de hand een envelop van vouwen. Maar handwerk is niet nodig, want er bestaan enveloppenmachines die vouwen met snelheden van ongeveer 750 à 1 000 exemplaren per minuut. Ondertussen zorgt de machine er ook nog voor dat er een binnendruk in de envelop komt, waardoor deze ondoorzichtig wordt. Bij binnendruk wordt de binnenkant van de envelop voorzien van een, meestal effen, kleur. Hierdoor is de envelop niet meer doorzichtig. Tijdens dezelfde productiegang brengt de machine ook het venster in de envelop aan. 


U kunt de binnenkant van de envelop ook conform uw huisstijl laten bedrukken met bijvoorbeeld uw eigen logo of uw eigen kleur.

Op het moment dat de machine de enveloppen zelf bedrukt, gebeurt dat dus in flexo. Dit kan inmiddels in maximaal vijf kleuren. Ook fullcolourafbeeldingen kunnen zo gedrukt worden. Maar door de uurtarieven van deze productiemachines zijn deze ingewikkelde bedrukkingen alleen rendabel bij grotere oplagen vanaf ongeveer 250 000 exemplaren. Naast het venster, eventuele bedrukkingen, vouwen en plakken, brengt deze machine ten slotte ook de klepgommering aan waarmee u de envelop bij gebruik dichtplakt.


Rollenproces
Bij het maken van enveloppen volgens het rollenproces maakt de fabrikant gebruik van rollen papier in plaats van vellen. De breedte van de rol is meteen de grootste breedte van de envelop inclusief de vouwranden. Het snijden en stansen kan nu dus achterwege blijven. Dit bespaart niet alleen extra productiegangen maar ook papier. Namelijk dat deel dat tijdens het snijden en stansen anders afvalt. De fabrikant kan de rollen papier vooraf bijvoorbeeld in rollenoffset (laten) bedrukken. Bij rollenoffset drukt de drukker vanaf rollen papier, in tegenstelling tot offset.
De andere bewerkingen (zoals vouwen en plakken) doet de enveloppenmachine. Men bedrukt dus eerst van binnen en van buiten in een of meerdere kleuren de blanco rollen papier.

Na het bedrukken krijgt de envelop eventueel een venster en de klepgommering (plakrandje om envelop bij gebruik dicht te plakken). Ten slotte brengt de machine de plakranden aan voor het dichtvouwen van de envelop. Nadat de klepgommering is drooggeblazen kan de klep worden gevouwen en is er een kant en klaar eindproduct.

Soorten enveloppen
Er bestaan heel veel verschillende soorten enveloppen. Daarom zijn de verschillende enveloppensoorten in groepen ingedeeld. Binnen elke hoofdgroep zorgt de vorm voor gezamenlijke eigenschappen. De in dit hoofdstuk gehanteerde terminologie is de meest correcte en wordt in de toekomst de standaardbenaming voor de enveloppen.


De twee basisvormen van enveloppen zijn de volgende:

• gewonesluitingenveloppen (G.S.-enveloppen);
• zaksluitingenveloppen (Z.S.-enveloppen).


Gewonesluitingenveloppen (G.S.-enveloppen)

G.S.-enveloppen zijn in de grondvorm elkaars spiegelbeeld. Bij deze soort bevindt de sluitklep zich altijd aan de bovenzijde. De insteekopening is meestal aan de langste kant van de envelop.

Om een envelop te omschrijven in zijn basisvorm gaan we als zichtzijde altijd van de ‘achterzijde’ uit, oftewel de zijde waar de klep omgevouwen zit.


Gewonesluitingenveloppen hebben de volgende onderdelen:

• sluitklep;
• rechterzijklep;
• bodemklep;
• linkerzijklep.


Toepassingen G.S. Enveloppen
In het ‘normale’ briefpostverkeer zijn de meest voorkomende G.S.-enveloppen vormen de bank- en dienstenveloppen. De inhoud bestaat meestal uit een of meerdere vellen briefpapier, rekeningen, wenskaarten, folders en uitnodigingen. Kenmerkend voor de enveloppen is de insteekopening aan de langste zijde. Bij het machinaal vullen levert dit voordelen op (zie verderop in dit hoofdstuk voor een nadere bespreking over machinale verwerking).

Zaksluitingenveloppen (Z.S.-enveloppen)

In tegenstelling tot de gewonesluitingenveloppen hebben Z.S.-enveloppen in hun basisuitvoering geen spiegellijn. De sluitklep zit aan de rechterzijde. Zaksluiting enveloppen hebben de volgende onderdelen:

• sluitklep;
• zijklep;
• bodemklep;
• achterklep.


Formaatbereik
Zaksluitingenveloppen hebben een groot formaatbereik: van postzegelformaat tot 330 x 445 mm, als er sprake is van machinaal produceren. Gewonesluitingenveloppen zijn meestal niet groter dan 229 x 324 mm.
Z.S.-enveloppen verschillen niet alleen in maximumformaat van gewonesluitingenveloppen, maar vaak in papiersoort. Meestal gebruikt men voor zaksluitingenveloppen zwaardere papiersoorten. Als u een ‘zwaardere’ inhoud verzendt, zijn deze enveloppen beter geschikt voor verzending dan G.S.-enveloppen.


Sluitmethodes
Een belangrijk onderdeel van een envelop is de sluiting. Ook hier zijn er weer typerende verschillen aan te geven voor enveloppen met een zogenoemde halfsynthetische gommering, een latexgommering en een striplockgommering.


• Halfsynthetische gommering

Gewonesluitingenveloppen zijn meestal voorzien van een halfsynthetische sluitklepgommering (daar likt u aan als u de klep dicht wilt plakken).


• Latexgommering

Bij latexgommering zijn de twee papieroppervlakken voorzien van een latexgomlaag. Door ze op elkaar te drukken hechten de twee gomlagen en dus ook de papierlagen.


Bij G.S.-enveloppen is er meestal sprake van permanent hechtende latexgommering. Verderop zal repeatlatex nog besproken worden. Omdat er geen herbevochtiging (likken) nodig is deze soort gommering erg hygiënisch.


• Striplockgommering

Bij dit soort gommering is op de sluitklep een permanent klevende lijm aangebracht. Deze lijm hoeft u niet steeds opnieuw te bevochtigen. Om voortijdig kleven te voorkomen is de lijmlaag afgedekt met een strookje papier. Na verwijdering van dit strookje kunt u de sluitklep dichtplakken.


De sluitmethodes van Z.S.-enveloppen zijn identiek aan die van G.S.-enveloppen.


Naast de twee hoofdgroepen enveloppen (de zaksluitingenveloppen en de gewonesluitingenveloppen), bestaat er nog een aantal afgeleide modellen die door toevoegingen extra geschikt zijn voor specifieke toepassingen. Het gaat voor dit hoofdstuk te ver om ze hier uitgebreid te behandelen. Daarom wordt volstaan met de opsomming van de volgende (voornaamste) ‘bijartikelen’: de afgeleide modellen.


Afgeleide modellen
Afgeleide modellen van de twee hoofdgroepen enveloppen zijn:

• grootbeeldenveloppen;
• monsterzakken;
• bordrugenveloppen;
• kartonenveloppen;
• luchtkussenenveloppen.


• Grootbeeldenveloppen

Omdat bijna de gehele voorzijde van deze enveloppen uit glashelder venstermateriaal bestaat, is er sprake van een ‘grootbeeld’. Voor de rest komen de uitvoering en de beschrijving overeen met de Z.S.-enveloppen. Oftewel, een grootbeeldenvelop is een zaksluitingenvelop met aan de voorkant een zo groot mogelijk venster.


De grootbeeldenveloppen zijn ideaal voor bijvoorbeeld verzending van fullcolourcatalogi die hun uitstraling al vanuit de envelop tonen.


• Monsterzakken

Door de harmonicavouw ontstaat er bij dit soort enveloppen een driedimensionale vormgeving. De voornaamste verschijningsvormen bestaan uit:

1. monsterzakken met zijvouw en platte bodem en (gegomde) sluitklep, type c;
2. monsterzakken met zijvouw, blokbodem en gaatjes, type b;
3. monsterzakken met zijvouw, blokbodem en (gegomde) sluitklep, type a.


• Bordrugenveloppen

Bordrugenveloppen zijn samengesteld uit twee soorten materiaal: meestal bestaat de voorzijde uit papier en de rugzijde uit karton. Hierdoor ontstaat een stijf eindproduct dat goed bestand is tegen buigen en knikken. Een bordrugenvelop is eigenlijk een zaksluitingenvelop met een kartonnen in plaats van papieren achterkant.

Deze enveloppen zijn zeer geschikt om foto’s en artwork te versturen.


• Kartonenveloppen

Deze enveloppen ontlenen hun naam aan het materiaal waaruit ze vervaardigd zijn. Meestal zijn deze enveloppen gemaakt van 350 grams/m2 houtvrij gestreken duplex karton. Gestreken wil zeggen dat het papier nog eens extra geperst is.

De uitvoering van de kartonenveloppen komt overeen met de Z.S.-enveloppen. De eigenschappen en toepassingen komen overeen met die van de bordrugenveloppen.

Deze enveloppen zijn zeer geschikt om foto’s en artwork te versturen.


• Luchtkussenenveloppen

Deze enveloppen bestaan uit een binnenenvelop van luchtkussenfolie. Daaromheen zit een laag kraftpapier (stevige papiersoort dat is te vergelijken met pakpapier), die dus de buitenkant vormt. Omdat de bescherming uit lucht bestaat, is de luchtkussenvelop licht van gewicht. Dit in tegenstelling tot de kartonenvelop. De hoge beschermingsgraad is ook zijn graadmeter voor de juiste toepassing. Denk hierbij aan de verzending van onder andere:

• glaswerk (zoals brillen)
• fijne instrumenten (zoals loep);
• cassettebandjes;
• machineonderdelen;
• elektronicaonderdelen;
• film- of fotorolletjes.


De maatvoering
Enveloppen hebben door de vele verschillende beschikbare formaten een grote diversiteit in maatvoering. Maatvoering is de manier waarop de afmetingen van enveloppen, venster en bedrukking zijn aangegeven. Als u speciale enveloppen wilt laten maken, kunt u het beste een model (dummy) of minimaal een tekening met daarop de maten maken.

De gewenste namen geeft u aan conform de gehanteerde benaming voor G.S.- of Z.S.-enveloppen. Verandering van deze maatvolgorde kan gemakkelijk aanleiding zijn om van een foutief model uit te gaan.

In principe zijn alle envelopmaten in mm (millimeters) uitgedrukt.


De envelopmaat van gewone sluitingenveloppen

Hier hebt u eerst de keuze uit de vorm (snit) van de envelop, zoals een rechte klep of een puntklep.

Bij G.S.-enveloppen is de maataanduiding gebaseerd op de sluitklep, die aan de bovenzijde zit. Onafhankelijk van het voor- of achteraanzicht. Daaruit volgt wat links en rechts is. De tweede aanduiding is het formaat van de envelop. De eerste maat is de maat die loodrecht of haaks op de sluitklepvouw staat. De tweede maat is de maat parallel aan de sluitklepvouw.

Hoewel bij G.S.-enveloppen de maat haaks op de klepvouw bijna altijd de kleinste van de twee maten is, is dit geen vast voorwaarde voor G.S.-enveloppen. Dus ga niet automatisch uit van het noemen van de kleinste maat maar houdt u aan de afspraak over de maatvolgorde.

Voor zaksluitingenveloppen gelden in principe dezelfde regels als voor de G.S.-enveloppen. Het belangrijkste verschil is dat men bij de maatvolgorde ervan uitgaat dat de sluitklep rechts zit. De eerste aangegeven maat is de maat parallel aan de sluitklepvouw. De tweede envelopmaat is de maat haaks op de sluitklepvouw (dit in tegenstelling tot de G.S.-enveloppen). De verdere maatvoering volgt dezelfde systematiek.

De eerste maat die u noemt is de maat haaks op de sluitklepvouw. Vergeet niet de maataanduiding in mm te noemen.


Venstermaat

Deze maat wordt aangegeven conform de regels voor de envelopmaat. Zie figuur 3 voor de verduidelijking. Bij een G.S.-envelop vermeldt u dus eerst de venstermaat die haaks op de sluitklep staat. De tweede maat is de maat die parallel loopt aan de sluitklepvouw.


Vensterpositie

Bij het aangeven van de vensterpositie is de eerste maat de afstand van de rechter vensterzijde tot de rechter klepvouw. Daaraan moet u de indicatie van rechts (V.R.) of van links (V.L.) toevoegen. Dit is afhankelijk van het feit of het grootste vensterdeel in de rechter- of linkerenvelophelft valt.

De tweede positiemaat is de afstand van de onderzijde van het venster tot aan de bodemklepvouw. Daar voegt u de indicatie ‘van onderen’ (‘V.O.’) aan toe.

Bij speciale toleranties (technisch moeilijke toevoegingen kunnen eerder aanleiding geven tot discussie, en kunt u het best vooraf vastleggen) gelden eventueel speciale afwijkingen. Zeker bij enveloppen waar de tekst achter het venster zeer nauw luistert. Een dummy is dan op zijn plaats.


Verschillende vensters

Bij meerdere vensters geeft u elk venster apart aan. De onderlinge vensterafstanden rekent u om naar afstanden tot linker-dan wel rechterzijklepvouw of bodemklepvouw. Het belang van een dummy zal ook hier duidelijk zijn.


Mechanische verwerking
 Als u besluit om uw enveloppen mechanisch te laten verwerken, is verwerking dit alleen mogelijk onder bepaalde voorwaarden. Niet elke envelop is geschikt voor mechanische verwerking.

„Ï Om misverstanden te voorkomen kunt u daarom het best gebruikmaken van de checklist Mechanische verwerking enveloppen: 

Kies in principe voor een rechthoekige envelop met de klep aan de lange zijde. 
Formaat en gewicht (gram/m2)van de envelop moeten in overeenstemming zijn met inhoud en gewicht van de mailing. Drukwerken met het A-formaat stopt u in enveloppen met het C-formaat. 
Gebruik de volgende enveloppen: 
C5-enveloppen van 80 gr/m2; 
C4-enveloppen van 120 gr/m2. 
Een bijna rechte klep heeft de voorkeur, het gehele klepoppervlak wordt dan geplakt. 
Uw poststuk is een ‘belstuk’ wanneer het groter is dan 38 x 26,5 x 3,2 cm. 
Als een belstuk gevouwen in de brievenbus past zal de postbezorger dat in de meeste gevallen ook doen. Maar u betaalt wel het tarief voor een belstuk. 
Vensterstand/formaat moet overeenstemmen met adresveld. 
Zorg bijtijds voor een modelenvelop voor afstellen van adrespositie bij cheshire- of inkjetadressering. 
Denk aan de verplichte opdruk. Afzender bij voorkeur linksboven, ‘port betaald’ rechtsboven, minimaal 1 x 3 cm (300 mm2), dit uitsluitend bij partijenpost. 
Adressering op de achterzijde (naadzijde) is soms toegestaan. Voorkant van de envelop blijft dan vrij voor tekst en/of afbeelding. 
Meerdere vensters zijn toegestaan. 
Open venster mag gebruikt worden mits het venster niet groter is dan 30 x 80 mm en de mailing zwaarder is dan 40 gram. 
Bij enveloppen kleiner dan 229 x 324 mm moeten vensters evenwijdig zijn aan de langste zijde. 
Adressering bij voorkeur links gelijnd. 
Direct onder de adressering geen andere aanduidingen plaatsen (KIX-code is onderdeel van het adres). 
Adres bij voorkeur op de niet naadzijde plaatsen. 
Bij krimpfolie is gebruik van een adresstrook toegestaan, mits deze niet verschuift. 
Bij zendingen kleiner dan 229 x 324 mm moet de adressering evenwijdig zijn aan de langste zijde.

De volgende formaten kunnen mechanisch worden verwerkt:

Formaat Afmetingen
(mm) Formaat
(mm)

C4 324 x 229 Plano A4 210 x 297
C5 229 x 162 Plano A5
1x gevouwen A4 210 x 148
210 x 297
C5/6 114 x 224/229 Kabinetformaat
2x gevouwen A4 210 x 100
210 x 297
Ola-D 109 x 224/229 Solo Ola
Combi-Ola 2x gevouwen 210 x 100
210 x 297
Ola-B 109 x 188 Strookje gevouwen 172 x 100


Envelop/onderlader (voor Ola's)
Bij het couverteren van niet gevouwen Ola-B (Ola = Optisch lees- (voor Ola’s) bare acceptgiro) en Combi-Ola’s waar alleen het Ola-gedeelte adresdrager is, is gebruik van een ‘onderlader’ (envelop ondersteboven bedrukt) noodzakelijk. Een Combi-Ola bestaat meestal uit een brief waar aan de onderkant het Ola-formulier zit, met perforatiestrook.

Het envelop- en drukwerkformaat dat u kiest is ook afhankelijk van de dikte van het mailingpakket. Hiervoor kunt de hierna volgende tabel gebruiken.

Vuldikte (max. dikte van het vulmateriaal) Envelopformaat
Hoger dan het
vulmateriaal Breder dan het
vulmateriaal
> 0,5 mm 6 mm 10 mm
0,5 – 1,0 mm 7 mm 14 mm
1,0 – 1,5 mm 10 mm 17 mm
1,5 – 2,0 mm 11 mm 18 mm
2,0 – 2,5 mm 12 mm 19 mm
2,5 – 3,0 mm 13 mm 20 mm


Aanvraag envelopproductie
Als u bij een enveloppenproduct een aanvraag indient voor het laten produceren van enveloppen, moet u ervoor zorgen dat u over een aantal aspecten goed hebt nagedacht. Ook moet u weten wat u wilt. 

Checklist
Hierbij kunt u gebruikmaken van de checklist Aanvraag envelopproductie. 

Wat is de omschrijving van de envelop? Hebben u en uw fabrikant het wel over hetzelfde? (Bijvoorbeeld breedte, hoogte, lengte, opening lange of korte zijde en waarom.) 

Wat is het formaat? Een producent neemt geen genoegen met een antwoord als ‘formaat is A4’. Want wat bedoelt u daarmee? Wat u in de envelop moet verzenden is namelijk bepalend voor het formaat. 

Wat zijn de venstergegevens? Naast gegevens over formaat en de stand ook aangeven of het venster ronde- of rechte hoeken moet hebben en het materiaal waarvan het venster gemaakt moet zijn. U moet hierbij ook rekening houden met de KIX-code in het venster. 

Wat zijn de klepgegevens: gegomd, gevouwen, zelfklevend, permanent hechtend of hersluitbaar? Of vouwt u de klep soms naar binnen? 

Moet de envelop ook geschikt zijn voor mechanische verwerking? En zo ja op wat voor vulmachine? Dit is belangrijk om te weten in verband met de insteek van grotere pakketten, bijsluiters en vouwwijze van het materiaal. Het is dus belangrijk de dikte te weten van het in te steken materiaal. Misschien moet u wel een groter formaat envelop gaan gebruiken. 

Hoeveel enveloppen wilt u hebben? Is het een testmailing en/of is het onderdeel van een groter geheel? Door aan te geven dat het om een testmailing gaat, kunt u wellicht een betere prijs bedingen. U zult dan wel rekening moeten houden met de vorm van beide enveloppen, die hetzelfde moet zijn. 

Welk materiaal wilt u gebruiken? Is het wel geschikt voor enveloppenproductie? Er is erg veel materiaal dat mooi is, maar dat is niet per definitie geschikt als enveloppenpapier.

Is het materiaal geschikt voor verwerking op de productiemachines? Is het sterk genoeg voor de verzending? 

Wat is het gewicht van uw enveloppen (gr/m2)? En waarom kiest u voor dat gewicht? Het gewicht van de envelop is natuurlijk van invloed op de portogrens maar kan ook geld schelen bij aanmaakpapier en heeft invloed op de uitstraling van een mailing. 

Wanneer laat u uw enveloppen bedrukken? Vooraf, tijdens de productie of achteraf? Dit is namelijk van invloed op technische mogelijkheden, uitstraling, kosten en levertijd. 

Hoe laat u uw enveloppen bedrukken? Kleuren, aantal, voorzijde, achterzijde, allover? Zie ook deel 3.E/Enveloppen: Bedrukking. De inktbezetting op een envelop zal nauwelijks invloed hebben op de prijs, maar vanuit technisch oogpunt gezien is het wel degelijk belangrijk om te weten. Afhankelijk van de snit van de envelop (bijvoorbeeld formaat van de klep) kan dit invloed hebben op de afbeelding die erop gedrukt moet worden. 

Hoe laat u de binnenkant van de envelop bedrukken (binnendruk)? Effen, neutraal, eigen kleur of speciaal? Met tekst of logo? De bedrukking moet in elk geval wel ‘leesbaar’ zijn. 

Wat is de levertijd van de enveloppen? En waarom? De envelop mag nooit meer het kind van de rekening zijn. U hoort er dus rekening mee te houden in het complete mailingtraject. Een gevraagde (kortere) levertijd uit gewoonte kan onnodig extra geld kosten. 

Wat gaat er in de envelop en zijn daar voorbeelden van? Dit punt kwam ook al bij het formaat ter sprake. De inhoud moet namelijk passen en samen met de envelop bepaalt deze het gewicht van uw mailing.


De postverpakking heeft niet alleen de functie om de inhoud te beschermen op zijn reis van verzender naar ontvanger, maar men stelt er vaak ook andere eisen aan. Dan komt de toegevoegde waarde van een envelop om de hoek kijken. 

Checklist
De checklist Toegevoegde waarde van een envelop kunt u gebruiken om te bepalen of uw verpakking behalve bescherming ook nog een commerciële toegevoegde waarde heeft. 

Wekt de verpakking nieuwsgierigheid op naar de inhoud? Is de verpakking duidelijk over de inhoud of juist niet? Door middel van een extra tekst kunt u de ontvanger alvast de envelop ‘intrekken’. Maar u kunt er ook voor zorgen dat de envelop niet meer geopend hoeft te worden en gelijk de prullenbak in kan. 

Laat de verpakking de inhoud al zien? Dit gaat niet er niet om dat de kwaliteit van de verpakking zodanig is dat de inhoud er al half uithangt. Nee, door middel van een grootbeeldvensterenvelop kunt u de inhoud zelf al het werk laten doen. De mooie fullcolourbrochure kan dan zelf al zo tot de verbeelding spreken dat de ontvanger de envelop wel moet openen. Achterop kunt u bijvoorbeeld de adressering kwijt. Hier was de PTT vroeger minder gemakkelijk in, maar biedt tegenwoordig meer mogelijkheden. 

Spreekt de inhoud de ontvanger aan? Wat is uw boodschap en wat is uw doelgroep? Hebt u het over financiële managers of is het een wervende mailing voor Greenpeace of NOVIB? Is dan een luxe mailing op zijn plaats of houdt u rekening met de milieubewuste instelling van de ontvanger? En stuurt u dan een echt minder milieubelastende mailing of gewoon rotzooi wat er voor door moet gaan? 

Roept de verpakking verwachtingen op en voldoet deze aan de opgeroepen verwachtingen? Grotere pakketten zullen maar zelden gelijk de prullenbak ingaan. Ten slotte krijgt de ontvanger niet elke dag zo'n pakket toegestuurd. Komen de hooggespannen verwachtingen ook uit of volgt de desillusie en dus de negatieve reactie? Is het dan ook verstandig om mee te werken aan een ‘duur uitziende binnenkomer’ (en die waarschijnlijk nog duur is ook) maar die zijn verwachtingen niet waar kan maken? 

Er is een periode geweest dat het idee ‘hoe groter hoe beter’ heerste. Op die manier dacht men op te vallen in de post. Maar het is een grove minachting van uw doelgroep als u denkt daarmee te scoren. Gelukkig is deze trend weer aan het afnemen.

Aanvullende tips
De volgende aanvullende tips zijn voor u in vraagvorm opgesteld. Om u er eerst goed over na te laten denken. Vervolgens kunt u deze tips eventueel opvolgen.

• Waarom laat u de achterkant niet meedrukken bij het plano drukken van de enveloppen? Zonder noemenswaardige prijsverhoging kunt u zo het ‘plaatje’ afmaken.

• Waarom laat u de binnenkant niet meedrukken als de envelop toch aangemaakt moet worden? Tegen een te verwaarlozen meerprijs krijgt u een extra scoringskans. Een complete puzzel aan de binnenkant of de spelregels van een prijsvraag. U kunt zich voorstellen dat deze bedrukking ook kan bijdragen aan het voorkomen van overschrijding van een portogrens.

• Waarom niet overlegd over het snitmodel (manier van vouwen van de envelop) toen de achterkant wel meegedrukt moest worden. Als er een afbeelding op de achterkant gedrukt moet worden, dan is het bijvoorbeeld belangrijk dat u weet hoe groot de klep is. Anders mist u misschien een gedeelte van de afbeelding als de envelop klaar is.

• Moet de testmailing dezelfde uitvoering hebben als de hoofdmailing? Anders moet u wel weer het ontwerp aan laten passen (kost tijd en geld).

• Waarom hebt u in het ontwerp geen rekening gehouden met de vouwlijnen van een envelop en de afwijkingen in afmetingen, al zijn het maar millimeters?

• Waarom is het toch zo populair om teksten en/of lijnen evenwijdig aan een venster te laten lopen? Hierdoor benadrukt u alleen maar de grafische afwijkingen. Want het kan zijn dat de bedrukking, het formaat van de envelop of het formaat van het venster 2 mm afwijken. Dan krijgt u door die lijnen een minder fraai eindresultaat. 

Waarom? Blijf u afvragen waarom wel of waarom niet. Let wel: de meeste fouten zijn al veelvuldig gemaakt. Dus waarom zou u dat ook nog eens gaan doen?


 

Nieuw: Portal FinancieelKlaar!

Handige financiële tools
voor ondernemers en adviseurs.

Met Checklists, Stappenplannen, Rekenmodellen en Voorbeeldmodellen. 


Op het gebied van onder meer begroten, balans en jaarrekening, investeren, financiering, kostenberekening, lenen en schenken en subsidies.  

Wekelijks komen er nieuwe financiële tools bij.

Ga direct kijken, meld u aan als gebruiker en ga direct aan de slag!


www.financieelklaar.nl

Als welkomstgeschenk ontvangt u de software Prognoses en Jaarcijfers (Ontwikkeld i.s.m. BDO Accountants, winkelwaarde € 79,0 excl. BTW).

 

 

 

 

 

 

Abonneer je op onze gratis nieuwsbrief

Dit artikel  behoort tot onze portal  Orders & Opdrachten Binnenhalen Deze portal wordt wekelijks aangevuld met nieuwe rekentools en adviezen. 

Tip
Wilt u zich niet aanmelden als gebruiker, kijk dan eens in onze webshop bij de CD-ROMS en losse software.   

CD-ROM Acquisitie

CD-ROM Offertes Schrijven
CD-ROM Offertemanager

Software Offerteberekeningen Maken (versie Zakelijke Dienstverlening, Productie en Ambacht)
Software Offerteberekeningen Maken (versie Detailhandel en Groothandel)
Software Offertes Schrijven

Software Verkoopbrief Schrijven

Software Belscript Schrijven

Vergelijkbare artikelen
bedrukking van enveloppen
alles over enveloppen
autobelettering: adviezen voor een goed autobelettering
papiersoorten en enveloppen
hofleveranciers: wat zijn hofleveranciers?
streepjescode of barcode
winkeldiefstal in uw bedrijf?
bartering als methode om meer omzet te genereren



Nieuwe abonnees ontvangen geheel gratis de CD-ROM Grip op Offertes Schrijven, inclusief een handzaam boekje over het schrijven van scorende Offertes. (winkelwaarde € 69,-). Deze CD-ROM is speciaal ontwikkeld voor verkoopmedewerkers die offertes schrijven.

(*) U ontvangt het welkomstgeschenk na betaling van het abonnementsgeld. Dit aanbod is niet geldig bij het kennismakingsabonnement.